Sinterklaasviering
Sinterklaas

Wanneer vieren we sinterklaas?
We vieren Sinterklaas op vrijdag 3 december, omdat 5 december op een zondag valt.
De leerlingen mogen op deze dag verkleedt als Sinterklaas of als zwarte piet op school komen.
Sinterklaas is een typisch Nederlands feest, wat samen in de klas gevierd wordt op school.
Onderbouw:(groep 1 t/m3)
In de onderbouw komen de ouders om de suprises te maken voor hun kinderen en kopen ze cadeautjes van ongeveer € 7,50.
Sinterklaas en zwarte Piet zullen in de ochtend in de jongste klassen komen.
Bovenbouw: (groep 4 t/m 8)
In deze klassen worden er lootjes getrokken. De kinderen moeten 1 gedicht maken en het liefst ook een suprise.
Als leerkracht moet je zelf bepalen wanneer je de lootjes gaat trekken met joun leerlingen. Als leerkracht moet je zelf ook meedoen. Dit vergroot de band met je leerlingen.
Tip: Ga 4 weken van te voren lootjes trekken, zo hebben de leerlingen nog tijd genoeg om zich voor te bereiden op Sinterklaas. Begin dus na 11 november, anders wordt het te verwarrend voor de leerlingen.
Lesideeen:
Pepernoten bakken: groep 4 t/m 8
De doelstelling:
Het doel van deze activiteit is dat de kinderen goed gaan samenwerken tijdens het pepernoten bakken. Er moeten afspraken gemaakt worden, wie wat gaat doen. Ook leren ze hoe ze wat kunnen afwegen en hoe je een recept moet aflezen.
De keuze & motivatie van de activiteit:
Dit is een hele leuke activiteit voor de kinderen. Pepernoten bakken is een van de leukste bakactiviteiten rond Sinterklaas.
Pepernoten heeft weer met Sinterklaas te maken en dus met het thema ‘SinterPiet’.
Door in kleine groepjes pepernoten te gaan maken leren de kinderen om met elkaar samen te werken. Er moet overlegd worden wie wat gaat doen.
Voorbereiding:
- Voordat je met de activiteit begint moet je eerst kijken hoeveel ingrediënten je nodig hebt en dan moeten alle ingrediënten gekocht worden om pepernoten te kunnen bakken.
- Ook kijk je of de ovens vrij zijn om pepernoten in te kunnen bakken.
- Zet alle spullen klaar om te kunnen pepernoten bakken.
Uitvoering:
- De klas verdeel ik in twee groepen. Door in kleinere groepjes te gaan werken, houdt je het overzichtelijker voor het geval er iets mis kan gaan.
- We gaan de pepernoten in de klas maken. Er is in het lokaal een oventje aanwezig.
- Per twee tal krijgen de kinderen het recept over pepernoten maken. Het recept is overzichtelijk omdat er met plaatjes wordt gewerkt en alle stappen zijn te zien.
- In de tweetallen gaan de kinderen pepernoten bakken. Samen moeten ze overleggen wie wat gaan doen. Er moeten ingrediënten afgewogen worden en er moet gekneed worden.
- Tijdens de handelingen begeleid ik de kinderen.
- De begeleider (ik) doe de pepernoten in de oven. In verband met de veiligheid van de kinderen.
- Als de pepernoten afgebakken zijn, laat ik ze afkoelen en stop ze in een zakje, zodat ieder zijn eigen pepernoten krijgt. In het zakje doe ik ook een briefje van de gene die de pepernoten gemaakt heeft.
De tijdsplanning:
|
Tijd: |
|
|
|
9.00 – 10.00 |
Groep 1 |
|
|
10.00- 10.30 |
Pauze |
|
|
10.30-11.30 |
Groep 2 |
|
De begeleiding:
- Als begeleider weet je hoe je pepernoten moet bakken.
- Je moet weten hoe de oven werkt.
- Je moet goed denken aan de veiligheid van de kinderen. Je werkt met hete ovens. Laat daarom niet de kinderen de pepernoten in de oven doen. Dit om brandwonden bij de kinderen te voorkomen. En doe zelf natuurlijk ovenwanten aan.
- Je moet duidelijk kunnen uitleggen aan de kinderen.
- Je moet goed je grenzen aan kunnen geven. Door te laten zien wat wel en niet kan/mag.
- Je weet de problematiek van de kinderen.
- Je moet een enthousiaste houding hebben tegen over de kinderen, zodat je ze nog meer motiveert.
- Je moet overzichtelijk werken zodat je alles goed in de gaten kunt houden.
Materialen en gereedschappen:
- 3 weegschalen - bakpapier - kookwekker
- 3 messen - zelfrijzend bakmeel
- 2 ovens + bakplaten - basterdsuiker
- 3 kommen - speculaaskruiden
- boter - 3 theelepeltjes
Recept: (klik op de link)
Recept pepernoten.doc (134,5 kB)
Sinterklaasverhaal (groep 4)
De veer van zwarte piet
Bonk! Bonk! Bonk! Boven in huis klinkt lawaai.
Wat hoor ik? roept Anna.
Laten we maar gaan kijken, zegt mama.
Anna haar raam staat open. Het lijkt wel of er iemand in haar kamer is geweest!
Hé, roept Anna. Er ligt een pakje! En snoep!
In de kamer van Pim ligt ook een pakje. En ook snoep.
Ik denk dat zwarte piet geweest is, zegt mama.
Ja, dat denkt Anna ook.
Dan zien ze poes Bram.
Hij heeft een grote witte veer in zijn bek.
Die lijkt wel van de muts van zwarte piet! zegt Anna.
Stoute Bram! Heb je die gepakt?
Mama denk dat zwarte piet hem verloren heeft toen hij door het raam klom.
Arme piet!
Nou heeft hij geen veer meer op zijn muts!
Anna en Pim spelen met de veer.
De beer mag hem op zijn muts.
En poes Bram rolt ermee over de grond.
Ik heb een idee! roept Anna.
Als Sinterklaas op mijn school komt ga ik de veer teruggeven.
Dat is een goed idee.
Mama stopt de veer in haar jaszak en dan fietsen ze naar school.
Maar als ze bij de school komen, kan mama de veer niet vinden!
Hij is weggewaaid!
Mama schrikt. Wat moeten we nou tegen Sinterklaas zeggen?
Je hoeft niet bang te zijn, zegt Anna.
Ik zal het wel zeggen.
Als Anna bij Sinterklaas op schoot zit, vertelt ze hem alles.
Sinterklaas lacht.
Zwarte piet heeft al een nieuwe veer gekregen!
Sint en Piet letterestafette:
De doelstelling:
Het doel van de estafette is om het samenwerken te bevorderen door o.a goed te overleggen met elkaar en afspraken te maken. Bevordering van samenwerking is ook een groepsdoel uit het groepsplan.
Een ander doel van deze estafette vorm is om goed te leren spellen.
De keuze & motivatie van de activiteit:
De activiteit is een letterestafette. De kinderen moet in groepjes letters van woorden ophalen, dat woord krijgen ze aangewezen van de docent. De woorden van deze estafette gaan alleen maar over het thema ‘SinterPiet’.
Door de estafette wordt de samenwerking tussen de klasgenoten bevorderd. Dit is ook een groepsdoel uit het groepsplan.
Ook moeten de kinderen goed naar het woord luisteren, om het goed te kunnen spellen. Want elk kind moet een letter ophalen van het woord. Als alle letters zijn opgehaald dan ontstaat er een woord. De groep die als eerste het woord heeft, heeft gewonnen.
De begeleiding:
- Als begeleider moet je op de hoogte zijn van de problematiek van de kinderen. Je moet weten wat ze kunnen lezen en wat niet. Daarom heb ik voor 4 letterwoorden gekozen.
- Als begeleider heb je geduld nodig. Als de kinderen het niet meteen snappen moet je het gewoon nog een keer voor doen en doe in het begin een oefenronde.
- Je moet er bij de estafette rekening mee houden dat er voldoende ruimte is om uit te rennen. Zodat de kinderen niet ergens tegen aan botsen.
- Je moet als begeleider zelf een enthousiaste houding hebben, dit motiveert de kinderen beter.
- Je moet duidelijk uitleggen en veel voordoen. Hier leren de kinderen het snelste van.
- Je moet de kinderen goed kunnen aanmoedigen.
Voorbereiding:
- Als eerste zoek je simpele woorden op over het onderwerp ‘SinterPiet’ (bijv. 4/3 letterwoorden)
- De letters van deze woorden typ je groot uit op de computer en je print ze uit.
- De uitgeprinte letters plak je op een stukje karton.
De woorden die je kunt gebruiken voor ‘SinterPiet’ letterestafette:
|
4 letterwoorden (max. 4personen) |
3 letterwoorden (max. 3personen) |
Lange woorden (2 groepjes) |
|
1. Sint |
1. Zak |
1. Stoomboot (9) |
|
2. Piet |
2. Pak |
2. Pepernoot (9) |
|
3. Boot |
3. Dak |
3. Pakjesavond (11) |
|
4. Veer |
4. Roe |
4. Sinterklaas (11) |
|
5. Peen |
|
5. Banketletter (12) |
|
6. Boom |
|
6. Schoenletter (12) |
|
7. Boek |
|
|
|
8. Staf |
|
|
|
9. Noot |
|
|
|
10. Lied |
|
|
- Alle letters van de woorden leg je op uitgespreid op een bult neer in een lege ruimte.
- Op een afstand van minstens 6 meter zet je 3 Pionnen neer. (zie tekening opstelling)
Wat heb je nodig aan gereedschap/materiaal:
- 3 pionnen
- computer en printer
- karton
Groep 1 D
Groep 2D
alle letters
Groep 3 D
De woordverdeling:
|
|
Groep 1 |
Groep 2 |
Groep 3 |
|
Oefenronde |
Boot |
Noot |
Veer |
|
1e ronde |
Sint |
Piet |
Lied |
|
2e ronde |
Peen |
Veer |
Boom |
|
3e ronde |
Noot |
Boek |
Staf |
|
2e ronde |
Staf |
Boot |
Piet |
|
|
|
|
|
